Tagarchief: Marokkaanse moeder te machteloos

Marokkaanse moeder te machteloos

Marokkaanse moeder te machteloos

Laat Marokkaanse moeder van haar voetstuk af komen

In: Volkskrant, 18-11-2004

Marokkaanse moeders moeten ook buitenshuis zeggenschap krijgen over hun kinderen en dan de confrontatie aangaan, zegt Carla Rus.

De moeder heeft in het Marokkaanse gezin een belangrijke positie, hoorde ik de Amsterdamse wethouder Aboutaleb Bachau zeggen. Hij deed na de moord op Theo van Gogh dan ook een dringend appèl op de moeders. Opvallend is dat Mohammed B., de verdachte van de moord, is gaan radicaliseren na de aanval op Irak en de dood van zijn moeder. Het ligt voor de hand om te speculeren dat deze factoren mogelijk triggers zijn geweest voor zijn ontsporing.

Hoewel we niets specifieks weten over de moeder van Mohammed B., kun je wel in het algemeen stellen dat de Marokkaanse moeder vooral macht binnens- en niet buitenshuis heeft. Zij zwaait de scepter over het huishouden, houdt haar dochters kort om te voorkomen dat zij hun maagdelijkheid verliezen, en staat op oudere leeftijd boven haar schoondochters.

Maar welke macht heeft zij over haar zonen, en in hoeverre is zij instaat hen voor te bereiden op onze maatschappij? Slecht waarschijnlijk. Want als de scheidslijn tussen het thuisleven en de buitenwereld zo scherp wordt getrokken, dat er geen uitwisseling van normen en waarden plaatsvindt, heeft de moeder een geringe functie in de maatschappelijke ontwikkeling van haar kinderen.

Mohammed B. zou goed geïntegreerd zijn, want hij spreekt uitstekend Nederlands en heeft in één keer zijn havo gehaald. Ik betwijfel dit. Niet alleen heeft hij noch een afgeronde beroepsopleiding noch een baan, ook vraag ik mij af hoe het met zijn sociale vaardigheden staat. En dan doel ik met name op de wijze waarop hij met vrouwen omgaat en hoe het er voor staat met zijn zelfrespect en zelfreflectie, dingen die hij met name thuis moet leren.

De belangrijkste vrouw in het leven van een moslimjongen is zijn moeder. Die verdient in náám weliswaar veel respect, maar is in de praktijk een icoon op een voetstuk, een machteloos symbool van moederliefde. Want hoe kan zij haar functie als opvoeder goed ter hand nemen, als zij bijna nooit op ouderavonden van school verschijnt? Als zij onze maatschappij nauwelijks kent, zodat haar kinderen niet met hun verhalen bij haar terechtkunnen? Als zij haar zonen de straat opstuurt om het huis rein te houden; iets waar ze zich op toe heeft gelegd om eigenwaarde uit haar functie als huisvrouw te halen?

Marokkaanse moeder te machteloosOp straat doen haar zonen hun normen en waarden op bij leeftijdsgenoten. Volgens jeugdcriminologe Josine Junger-Tas doen Marokkaanse jongens van jongs af aan alles wat ze willen, waardoor ze risico lopen op macho- en crimineel gedrag. Wanneer zij daarnaast gefrustreerd worden in verwachtingen van maatschappelijke kansen, komt er volgens Sadik Harchaoui, bestuurslid van Forum, een proces van zelfisolatie op gang, waarvan politiek-extremistische islamisten gebruikmaken. Wanneer je thuis niet wordt begrepen, er in het vervolgonderwijs onvoldoende wordt ondernomen om drop-outs te voorkomen en jongeren naar de arbeidsmarkt te leiden, het bedrijfsleven stelselmatig autochtonen meer kansen biedt dan allochtone jongeren en de politiek systematisch het jongerenwerk afbreekt, jagen we met elkaar deze jongens regelrecht een identiteitscrisis in. Zij gaan zich meer solidair met onderdrukte moslims in het Midden-Oosten voelen dan met hun kansrijke medelanders. En hun lage zelfrespect dat zo is gekrenkt, veert op wanneer radicaal-islamitische bewegingen hen plotseling belangrijk blijken te vinden.

Het ontwikkelen van zelfrespect gebeurt in een subtiele interactie tussen ouder en kind, waarbij wederzijds respect een voorwaarde is. Pas dan is het veilig genoeg voor het kind om feedback van de ouder te incasseren, zodat het vermogen tot zelfreflectie kan groeien. Een moeder die niet het respect krijgt waarmee zij invloed kan uitoefenen, kan haar kind dit onvoldoende meegeven.

We weten niet hoe de vader van Mohammed B. met de moeder omging. Maar mocht hij tot de groep mannen behoren die het normaal vindt om onder bepaalde omstandigheden hun vrouw te slaan, dan kan dat het minderwaardige vrouwbeeld van de zoon nog versterken. Uit een Turks onderzoek blijkt dat 39 procent van de islamitische vrouwen het goedkeurt dat hun man hen slaat, wanneer zij het eten laten aanbranden, seks weigeren of ruzie met hun man maken. Hoewel dit bij de zoon een beschermende houding tegenover de moeder als liefdesobject oproept, en hij haar als reactie hierop nog eens extra hoog op haar voetstuk zet, heeft dit negatieve consequenties voor zijn identiteit en de relatie met zijn zussen, de meisjes in zijn klas, de lerares, de vrouwelijke dokter et cetera.

Een icoon is een beeltenis die staat voor hogere normen en waarden die buiten de vereerder zijn gesitueerd. Ze worden dus nooit van de vereerder zelf. Bij een opvoeding hoop je, dat wat je je kinderen aan belangrijke normen en waarden meegeeft, internaliseert, zodat jij overbodig wordt. De dood van de ouder geeft daarna rouw, maar de geïnternaliseerde normen en waarden overleven via het kind.

We zullen nooit weten of een levende moeder Mohammed B. had kunnen beschermen tegen rekrutering voor de jihad, maar een gestorven moeder kon het in ieder geval niet. De lage emancipatiegraad van de moeder die niet in staat is geweest om haar kind, over de dood heen, vertrouwen in het leven mee te geven, speelt aldus een cruciale rol bij de fragiele verworteling van haar zoon in onze maatschappij.

Het wordt hoogtijd dat de Marokkaanse moeders van hun voetstuk afkomen, en het vuile werk van de opvoeding gaan doen. Zich gaan bemoeien met het gedrag van hun kinderen in de buitenwereld en de confrontatie met hen aangaan. Hun dochters meer vrijlaten en hun zonen liefdevol bij de lurven grijpen om hen tot de orde te roepen, grenzen te stellen, in discussie te gaan en vooral: contact te houden. Een Marokkaanse vrouw is vaak sterk en slim, dus een dergelijke gedragsverandering is haar goed toe te vertrouwen. Zeker wanneer ze een man naast zich heeft die haar steunt, en die uit respect voor haar besloten heeft haar nooit meer te slaan. En daarmee zijn we precies bij het motief aanbeland van de film Submission van Ayaan Hirsi Ali en Theo van Gogh: een aanklacht tegen vrouwenonderdrukking en mishandeling van islamitische vrouwen in Nederland.

Laat deze missie niet verloren raken tussen onze verwarde gevoelens van woede en angst.