De rol van glutamaat bij verslavingsgedrag

De rol van glutamaat bij verslavingsgedrag

Door: Carla Rus, psychiater

In: Tijdschrift voor Neuropsychiatrie en gedragsneurologie, mei 2009

Graag wil ik een aanvulling geven op het overigens uitstekende artikel 'Psychopathologie van het beloningssysteem' van de heer Franken, hoogleraar klinische psychologie, en de heer Nijs, beiden van de Erasmus Universiteit Rotterdam, gepubliceerd in het aprilnummer 2009.

In dit artikel wordt onder andere beschreven dat er bij het beloningssysteem drie processen betrokken zijn: Het affectieve proces (met liking aangeduid), het motivationele proces (wanting) en het beloningsgerelateerde leerproces (reward-based learning). Mijn aanvulling betreft het neurobiologische substraat dat betrokken is bij het motivationele proces wanting dat bij verslavingen een grote rol speelt (met craving aangeduid).
Het artikel beschrijft dat bij craving sprake is van grote betrokkenheid van het mesolimbisch dopaminerge systeem, met als belangrijkste regelcentrum de Nucleus accumbens in het ventrale deel van het striatum. Afgifte van dopamine in de nucleus accumbens is geassocieerd met een verlangen naar seks, voedsel en drugs - zoals de dopamine-agonist cocaïne.

Uit recent onderzoek blijkt dat behalve dopamine hierbij ook de exciterende neurotransmitter glutamaat - zowel bij cocaïne-verslaving, alcoholverslaving als gokverslaving - een rol speelt. 1, 2, 3, 4 Cocaïne (en andere psychoactieve stoffen) zouden kunstmatig de hoeveelheid extracellulaire, dus extravesiculaire glutamaat in de nucleus accumbens opzwepen, waardoor tussen de momenten van drugsinname in de basishoeveelheid extravesiculaire glutamaat juist zakt. Dit zou (mede) aanzetten tot continuering van het verslavingsgedrag.
Voldoende extravesiculaire glutamaat is nodig om de 'group II metabotropic glumate receptors' (éxtrasynaptische receptoren) te stimuleren. Deze moduleren dan op hun beurt de NMDA (íntrasynaptische) receptoren waar glutamaat zich aan bindt. Een gezonde glutamaathuishouding is onder andere noodzakelijk voor het geheugen, voor denkprocessen, voor het verwerken van sensorische informatie en indirect voor affectieve processen.

De door drugs opgewekte verstoring in de extracellulaire hoeveelheid glutamaat, biedt aanknopingspunten voor nieuwe therapeutische mogelijkheden. Één daarvan is N-Acetylcysteine, een katalytische antioxidant dat nu nog vooral voor de indicatie COPD wordt voorgeschreven. 5, 6, 7, 8 Het achterliggende neurobiologische werkingsmechanisme wordt als volgt verklaard: N-Acetylcysteine zorgt voor omzetting van cysteïne in glutamaat (system X c), waardoor de door drugs verminderde basishoeveelheid extracellulaire glutamaat weer op peil wordt gebracht. Daardoor blijkt er vervolgens minder behoefte te zijn aan die drugs.
In de kindergeneeskunde wordt het middel al met succes toegepast bij jongeren met ADHD, die vaker dan anderen verslaafd zijn aan middelen omdat dit hun relatieve tekort aan dopamine in bepaalde hersendelen compenseert (zelfmedicatie). 9, 10 Per dag 2 á 3 keer 600 milligram N-Acetylcysteïne zou voldoende zijn. Opvallend is dat de jongeren tijdens gebruik van N-Acetylcysteine de psychoactieve stoffen onverwachts gemakkelijk - dus zonder al te veel bewúst hun best te doen - kunnen laten staan. Dit ligt in het verlengde van wat de auteurs van het artikel 'Psychopathologie van het beloningssysteem' stellen, namelijk dat craving mogelijk niet bewust ervaren hoeft te worden.
Gezien het milde bijwerkingsprofiel van N-Acetylcysteine (dat in de drogist gewoon als Bisolvon te koop is) verdient het gebruik van dit middel navolging in de verslavingszorg aan volwassenen en de volwassen-psychiatrie.

Literatuur
1. Uys JD, LaLumiere RT. Glutamate: the new frontier in pharmacotherapy for cocaine addiction. CNS Neurol Disord Drug Targets. 2008 Nov;7(5):482-91.
2. Karila L, Weinstein A, Benyamina A, Coscas S, Leroy C, Noble F, Lowenstein W, Aubin HJ, Lépine JP, Reynaud M. Current pharmacotherapies and immunotherapy in cocaine addiction.  Presse. Med. 2008 Apr;37(4 Pt 2):689-98.
3. Gass JT, Olive MF. Glutamatergic substrates of drug addiction and alcoholism. Biochem Pharmacol. 2008 Jan 1;75(1):218-65.
4. Karila L, Gorelick D, Weinstein A, Noble F, Benyamina A, Coscas S, Blecha L, Lowenstein W, Martinot JL, Reynaud M, Lépine JP. New treatments for cocaine dependence: a focused review. Int J Neuropsychopharmacol. 2008 May;11(3):425-38.
5. Madayag A, Lobner D, Kau KS, Mantsch JR, Abdulhameed O, Hearing M, Grier MD, Baker DA. Repeated N-acetylcysteine administration alters plasticity-dependent effects of cocaine. J Neurosci. 2007 Dec 19; 27(51):13968-76.
6. Moussawi K, Pacchioni A, Moran M, Olive MF, Gass JT, Lavin A, Kalivas PW. N-Acetylcysteine reverses cocaine-induced metaplasticity. Nat Neurosci. 2009 Feb;12(2):182-9.
7. LaRowe SD, Myrick H, Hedden S, Mardikian P, Saladin M, McRae A, Brady K, Kalivas PW, Malcolm R. Is cocaine desire reduced by N-acetylcysteine? Am J Psychiatry. 2007 Jul;164(7):1115-7.
8. Grant JE, Kim SW, Odlaug BL. N-acetylcysteine, a glutamate-modulating agent, in the treatment of pathological gambling: a pilot study. Biol Psychiatry. 2007 Sep 15;62(6):652-7.
9. Rodrigues Pereira R. ADHD, een chronische aandoening? ADHD Actueel. Academic Pharmaceutical Productions BV. 2008 Juni;5(2):4.
10. Kooij JJS, ADHD bij volwassenen; Inleiding in de diagnostiek en behandeling (3e druk). Pears. 2009; hfds.3.14.71-2.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *